Wetenschap in het nieuws
2011-12-09Twee miljoen euro voor kankeronderzoek
Twee miljoen euro voor onderzoek naar nieuwe behandelingen van prostaat- en blaaskanker. Dat kreeg Jan Hoeijmakers, hoogleraar Moleculaire Genetica van het Erasmus Medisch Centrum Rotterdam op dinsdag 6 december. Niet als verlaat sinterklaascadeau, maar in de vorm van de Koningin Wilhelmina Onderzoeksprijs van KWF Kankerbestrijding.
Jan Hoeijmakers behoort internationaal tot de absolute top in het wetenschappelijk onderzoek naar kanker en veroudering. Zijn doel is zoveel mogelijk mensen gezond ouder te laten worden, zodat de kwaliteit van de laatste levensjaren wordt verbeterd. Zijn onderzoek richt zich al meer dan 25 jaar op de reparatie van het DNA in onze cellen. Het DNA wordt voortdurend beschadigd door bijvoorbeeld UV-straling. Door de schade kunnen fouten in het DNA ontstaan. De meeste schade wordt echter tijdig gerepareerd. Lukt dit niet, dan kunnen de fouten uiteindelijk leiden tot kanker.
“Het probleem is dat tumorcellen ontzettend inventief zijn”, aldus Jan Hoeijmakers in een interview in De Volkskrant van 6 december. “Kanker is een van de moeilijkste ziekten die we kennen.” Met het geld van KWF Kankerbestrijding gaat Jan Hoeijmakers, samen met de afdeling Urologie van het Erasmus MC, onderzoeken of vormen van prostaat- en blaaskanker ontvankelijk zijn voor een nieuw type behandeling.
Tumorcellen schakelen vaak het normale mechanisme waarmee DNA wordt hersteld uit en gebruiken vervolgens een andere methode. Onderzoek bij patiënten met borst- of eierstokkanker toont aan dat behandelingen die juist de alternatieve herstelmethode platleggen zeer effectief kunnen zijn. Bovendien geven deze behandelingen nauwelijks bijwerkingen omdat alleen de kankercellen de alternatieve methode gebruiken. Klinkt veelbelovend, maar helaas werkt de behandeling niet bij alle patiënten. Door nog nauwkeuriger te kijken waarin een kankercel afwijkt van een gezonde cel kan de patiëntengroep die er baat bij heeft mogelijk worden vergroot.
2011-11-29
Kaat Mossel, Helleveeg van Rotterdam
Lees de column van Daan Rutten uit het Wetenschapscafe van 31 oktober
2011-11-08
'Heksenjacht' op mannelijke sportvrouwen
In de aanloop naar de Olympische Spelen is een oude discussie opnieuw opgelaaid. Het Internationaal Olympisch Comité heeft aangekondigd vrouwen met een testosteron-niveau boven 10 nanomol uit te sluiten van deelname. Dit besluit is omstreden, vooral omdat alleen vrouwen die er verdacht mannelijk uitzien zullen worden getest.
Een bekend slachtoffer van de sekse-discussie is Foekje Dillema. Deze Nederlandse hardloopster mocht in 1950 geen wedstrijden meer lopen, omdat ze geen vrouw zou zijn. In 2009 werd de Zuid-Afrikaanse hardloopster Caster Semenya om dezelfde verdenking geschorst. Pas dit jaar werd de onduidelijkheid over de sekse van Foekje Dillema opgelost door wetenschappers van het Erasmus MC in Rotterdam. Anton Grootegoed, hoogleraar Voortplanting en Ontwikkeling, toonde samen met Kaye Ballantyne en professor Manfred Kayser van de afdeling Forensische Moleculaire Biologie op basis van DNA onderzoek aan dat Foekje zowel vrouwelijke cellen (XX) als mannelijke cellen (XY) had. Foekje was genetisch gezien een mozaiek, een extreem zeldzame situatie die minder dan eens per miljoen geboorten voorkomt. Dit illustreert dat het vaststellen van de sekse niet altijd even gemakkelijk is. Hoe kan de vernederende discussie in de sportwereld over het al of niet vrouw-zijn voor eens en altijd worden beslecht?
In de uitzending van Nieuwsuur van maandag 7 november komen verschillende experts aan het woord. Anton Grootegoed pleit in zijn artikel over Foekje Dillema voor een testosterontest voor vrouwelijke atleten. Bij een te hoog gehalte testosteron is deelname niet toegestaan.Wanneer het testosterongehalte na behandeling is gezakt is deelname alsnog mogelijk. "Het is geen kwestie van straffen. Het is een kwestie van bewaken dat er nog zoiets mogelijk is als mannensport en vrouwensport." Een dergelijke testosterontest moet dan wel bij alle vrouwen wordt uitgevoerd. Selectie op basis van uiterlijke kenmerken brengt ons terug bij de heksenjacht.
Sportwetenschapper Timothy Noakes (Kaapstad) beargumenteert dat testosteron niet de enige factor is die een atleet succesvol maakt. Bovendien brengt een testosterontest niet de gewenste eerlijkheid. "Sport is niet eerlijk en wij kunnen het niet eerlijk maken."
Er is nog veel onduidelijk over wat normale testosteronniveaus zijn. Misschien hebben topsporters sowieso wel hogere niveaus in hun bloed. En vervolgens zouden de niveaus volgens doping-deskundige Douwe de Boer ook nog discipline-afhankelijk kunnen zijn. De discussie is dus nog lang niet beslecht.
Bekijk het item in de aflevering van Nieuwsuur van 7 november (25.22-33.38 min)
Lees ook het NRC artikel over het onderzoek van Anton Grootegoed, Kaye Ballantyne en Manfred Kayser aan het DNA van Foekje Dillema.
2011-11-04
Where the booze is
Lees de column van Daan Rutten uit het Wetenschapscafe van 31 oktober
2011-08-23
Eiwit 'Wnt' bepaalt eigenschappen embryonale stamcel
Onderzoekers van het Erasmus MC hebben ontdekt dat het eiwit Wnt essentieel is voor de unieke eigenschappen van embryonale stamcellen, namelijk dat ze kunnen uitgroeien tot elk celtype van het lichaam. De vondst van het eiwit verklaart hoe een embryonale stamcel een stamcel blijft. Het onderzoek wordt deze week gepubliceerd in het toonaangevende tijdschrift Nature Cell Biology.
Wetenschappers gebruiken embryonale stamcellen bij hun onderzoek, vanwege hun vermogen om alle cellen van het lichaam te vormen. In het laboratorium kunnen wetenschappers verschillende typen lichaamscellen laten ontstaan. In de toekomst moeten de embryonale stamcellen ook geschikt zijn voor transplantatie in patiënten met degeneratieve ziekten zoals de ziekte van Parkinson, of met bepaalde typen kanker zoals leukemie. Tot nog toe was onbekend hoe embryonale stamcellen het vermogen behouden om tot alle celtypen te kunnen uitgroeien.
Derk ten Berge, stamcelbioloog bij het Erasmus MC, leidt het onderzoek. Ten Berge: “Embryonale stamcellen hebben de unieke eigenschap dat ze alle cellen van het lichaam kunnen vormen. Het is echter moeilijk ze deze eigenschap te laten behouden. Stamcellen hebben namelijk een sterke neiging om zich te veranderen in meer gespecialiseerde lichaamscellen. Deze verandering gaat in kleine stapjes, maar is een onomkeerbaar proces. Bij elke stap gaat de cel meer lijken op zijn uiteindelijke celtype, en verliest een beetje van zijn vermogen om andere celtypen te vormen. We hebben nu ontdekt dat het eiwit Wnt voorkomt dat een embryonale stamcel de eerste stap zet in het veranderingsproces, waardoor de stamcel het vermogen om in alle cellen te veranderen behoudt.”
Onderzoekers zouden het gebruik van embryonale stamcellen het liefst omzeilen. Er bestaan tegenwoordig technieken om volwassen, gespecialiseerde cellen terug te brengen naar een embryonale staat. Men kan dus van lichaamscellen embryonale stamcellen maken. Het grote voordeel hiervan is niet alleen dat er geen embryo’s meer nodig zijn, maar ook dat er van iedere persoon lichaamseigen weefsels kunnen worden gekweekt. Ten Berge: “Het is echter gebleken dat de gevormde stamcellen onthouden van welk gespecialiseerd celtype ze komen, en daardoor toch moeite hebben om andere celtypen te maken. Ze kunnen dan ook niet, zoals echte embryonale stamcellen, tot alle celtypen uitgroeien. Met de ontdekking van het eiwit Wnt als de essentiële factor die de embryonale staat handhaaft kunnen we nu verder zoeken naar mechanismen om van volwassen cellen echte embryonale stamcellen te maken en daarmee het gebruik voor stamceltherapie een stap dichterbij brengen.”
Het Erasmus MC maakt deel uit van de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU). De NFU is een samenwerkingsverband van de acht universitair medische centra (UMC's) in Nederland en heeft als algemene doelstelling het behartigen van de gezamenlijke belangen van de UMC's. Andere UMC's die deel uitmaken van de NFU zijn het AMC, azM, LUMC, UMCG, UMC St Radboud, UMC Utrecht en VUmc. In totaal zijn 60.000 medewerkers verbonden aan de acht UMC's.
